Stichting ANGOB

 

VAKANTIEGEMEENTEN  DOEN  TE  WEINIG  TEGEN  ALCOHOLOVERLAST
Gemeenten die massaal bezocht worden door vakantievierende jongeren, ondervinden veel overlast van het alcoholgebruik door die jongeren. Slechts enkele gemeenten voeren hiertegen een samenhangend preventiebeleid. In veel gemeenten heerst een gedeeltelijke gedoogsituatie. Een goed preventiebeleid kan de overlast beduidend verminderen.

Het NIGZ en de universiteit van Maastricht verrichtten vorig jaar een onderzoek in een viertal gemeenten waar veel jongeren hun vakantie doorbrengen, te weten Noordwijk, Terschelling, Texel en Valkenburg. Zowel de jongeren zelf, als omwonenden, politie, campingbeheerders en dergelijke werden in het onderzoek betrokken. De resultaten, conclusies en aanbevelingen zijn op 22 maart in Utrecht op een studiedag gepresenteerd.

Uit de interviews met alle betrokkenen komt duidelijk naar voren, dat voor de overgrote meerderheid van de jongeren van 16-24 jaar, het drinken van veel alcohol een wezenlijk onderdeel uitmaakt van het vakantievieren. Gemiddeld drinken jonge mannen op een vakantiedag 21 glazen, en jonge vrouwen 9. Dat is aanzienlijk meer dan thuis. Het ontbreken van verplichtingen en van sociale controle tijdens de vakantie, leidt ertoe dat men vroeger begint met drinken, langer doorgaat en meer drinkt.

Het gemiddeld gedronken aantal glazen, vertoont grote verschillen tussen de verschillende gemeenten. In gemeenten die een samenhangend beleid voeren als bijvoorbeeld Valkenburg, ligt de alcoholconsumptie beduidend lager dan in gemeenten die bij wijze van spreken de politie pas sturen als de overlast al aan de gang is. Regeren is vooruitzien. Dat geldt ook voor het beperken van alcoholoverlast.

In Valkenburg dronken de jonge mannen gemiddeld 19½ glas alcoholhoudende drank per dag, op Texel 24, in Noordwijk 26½ en op Terschelling 34 ! Jonge vrouwen dronken gemiddeld iets minder dan half zoveel als de jonge mannen. De overlast die uit het alcoholgebruik voortvloeide voor de omgeving, bestond voornamelijk uit nachtelijke ruzies en gezang, wildplassen en vernielingen. In wat mindere mate overdag en ’s avonds elektronische geluidsoverlast uit auto’s en vanaf campings. De jongeren zelf kwamen met relatief veel verwondingen bij artsen en EHBO. Ook waren er enkele gevallen van ernstige alcoholvergiftiging ( op Texel drie gevallen die in coma naar de vaste wal afgevoerd moesten worden ! ).

In Valkenburg heeft men al lang geleden geconcludeerd dat een deel van het drinken gebeurt uit verveling. Daarom zorgen gemeente en campingbeheerders in overleg voor een heel scala aan gemakkelijk toegankelijke en goedkope activiteiten. Bovendien wordt in Valkenburg meer op terrasjes gedronken, en minder op de campings dan in de andere onderzochte plaatsen. Op terrasjes is het bier duurder, en is bovendien meer sociale controle.

Noordwijk probeert vooral achteraf de overlast zo beperkt mogelijk te houden, door de inzet van politiepatrouilles, door vervoer tussen de uitgaansgelegenheden en de campings, en door een “susploeg”. Aan deze laatste werkt ook de plaatselijke horeca mee. Enigszins hypocriet, want in Noordwijk (en op Texel) kent de horeca “happy hours”, waardoor het alcoholgebruik juist gestimuleerd wordt.

De jongeren zelf vinden dat het ieders persoonlijke keus is hoeveel hij of zij drinkt. Onderlinge sociale controle op het drinken is er niet. Met betrekking tot geluidsoverlast op de camping, is er soms wel sociale controle. Bij de uitgaansgelegenheden echter weer niet. En tenslotte geven de jongeren aan geen enkele moeite te hebben met het verkrijgen van drank. Leeftijdsgrenzen, en het verbod om door te schenken aan dronken personen, worden niet gehandhaafd.

Samenvattend kan geconcludeerd worden dat een gericht en samenhangend beleid de overlast door dronken jongeren aanzienlijk kan terugbrengen. Gemeente, politie, campinghouders en horeca dienen daaraan allen mede te werken.

Afschaffing van de happy hours kan de op een avond gedronken hoeveelheid alcohol verkleinen. Op Texel is die afschaffing al in discussie. Betere handhaving, zowel van de leeftijdsgrens, als van het verbod te schenken aan dronken personen, kan eveneens een bijdrage leveren aan vermindering van de overlast. Dus meer toezicht, en effectief straffen van overtreders.

Geen bier verkopen in de campingwinkel, vermindert de consumptie op de camping. Vervroegen van het sluitingsuur van café’s en disco’s, vermindert de consumptie in de uitgaansgelegenheden. Vermindering van het geluidsvolume in de disco, leidt tot meer praten en minder drinken.

Vergroting van het aanbod aan activiteiten voor jongeren, kan een belangrijke bijdrage leveren aan vermindering van de overlast. Dit dient zeker onderdeel uit te maken van een anti-overlast beleid.

Dingeman Korf