Theorie van thuis leren drinken onderuit gehaald
BETER NIET DRINKEN MET JE KINDEREN
Kinderen op jonge leeftijd onder ouderlijk toezicht "leren drinken" behoedt hen niet voor overmatig alcoholgebruik op latere leeftijd. Aldus de recent gepubliceerde uitkomst van langlopend wetenschappelijk onderzoek in Australië en de Verenigde Staten.
Gedurende een lange reeks van jaren is van bepaalde zijde de theorie verkondigd dat ouders hun kinderen thuis matig moesten leren drinken, om hen te behoeden voor overmatig gebruik later. Dat heette opvoeden tot "verantwoord omgaan met alcohol". Die theorie was ontwikkeld door pedagogen en sociologen op basis van de constatering dat jongeren op enig moment gedurende de adolescentie met alcohol kennis zouden maken. Hen tijdig thuis met (uiteraard matig) gebruik vertrouwd maken, zou de kans verkleinen dat hun alcoholgebruik later uit de hand zou lopen.
Bewijzen voor de juistheid van die theorie zijn nooit geleverd. Het verhaal klinkt aannemelijk, en daar moest men het maar mee doen. Drankbestrijders en geheelonthouders hebben nooit zo geloofd in die theorie, en gaven de voorkeur aan (indringend) waarschuwen voor de risico's en zo lang mogelijk uitstellen van het gebruik. Voor wat de geheelonthouders betreft kwam daar nog bij : zelf het goede voorbeeld geven.
De afgelopen jaren is van medische zijde met kracht van argumenten gewezen op de extra risico's van alcoholgebruik door al te jeugdigen. Uitstellen van alcoholgebruik tot het achttiende of liever nog ?éénentwintigste levensjaar wordt door hen met klem geadviseerd. De theorie van het thuis op jeugdige leeftijd leren drinken, voordat zij door vriendjes daartoe gebracht worden, is daardoor al ondermijnd.
Een recente publicatie in het Journal of Studies on Alcohol and Drugs heeft laten zien dat onder ouderlijk toezicht leren drinken niet alleen niet werkt, maar zelfs averechts kan werken. De theorie van het thuis op jeugdige leeftijd leren drinken is nu rijp voor de prullenbak.
Onder leiding van onderzoekster B.J. McMorris gingen Amerikaanse en Australische wetenschappers na wat de verschillen in gedrag waren tussen jongeren die volgens het "uitstelmodel" waren opgevoed en jongeren die volgens het model van thuis leren drinken waren opgevoed.
Het onderzoek werd uitgevoerd onder 1945 Amerikaanse en Australische kinderen. Onder hen waren 989 meisjes. Bij de aanvang van het onderzoek in 2002 waren de kinderen rond de 13 jaar oud. Zij werden ondervraagd over hun alcoholgebruik, de houding van hun ouders daar tegenover en de mate waarin ze onder ouderlijk toezicht konden drinken. Het onderzoek werd om de twee jaar herhaald met dezelfde proefpersonen.
De invloeden van gezinsverband, schooltype en leefomgeving op het drinkgedrag waren in de twee landen opmerkelijk gelijk. De cultuur van een land lijkt dus geen verschil te maken. Dat maakt het aannemelijk dat een gevonden verschil in effect tussen de twee verschillende opvoedingsprincipes algemene geldigheid bezit (althans binnen de Westerse cultuur, in bijv. China zou het wèl anders kunnen zijn).
Verrassend was de uitkomst dat in beide landen jongeren die onder ouderlijk toezicht hadden leren drinken, vaker en meer dronken en ook vaker nadelige gevolgen van hun drinken ondervonden dan de jongeren die meer strikt waren opgevoed.
Opvoeden tot "verantwoord omgaan met alcohol" zal dus vooral moeten bestaan uit indringend waarschuwen en het goede voorbeeld geven door de ouders, en streven naar uitstel van het eerste alcoholgebruik tot na het éénentwintigste levensjaar. Ouders zouden bij dit opvoedingsmodel ons inziens gesteund moeten worden door verhoging van de wettelijke leeftijdsgrens voor alcohol.
Dingeman Korf