Stichting ANGOB

 


HONDERD JAAR "DE GEHEELONTHOUDER"
BLAD MOEST VOORAL VOORLICHTING GEVEN

Al vrij snel na de oprichting van de ANGOB in 1897 werd besloten een blad uit te geven. Zowel het eerste blad, als het sinds augustus 1901 verschijnende blad "de Geheelonthouder", hebben altijd een oplage gehad die aanzienlijk groter was dan het ledental van de ANGOB. Dit als gevolg van het uitgangspunt dat het blad allereerst bedoeld was voor voorlichting over het alcoholprobleem, en pas in de tweede plaats als verenigingsorgaan.

In het voorjaar van 1898 nam de pas opgerichte Algemene Nederlandse Geheel-Onthouders Bond het besluit om een weekblad uit te geven. Onder de naam "Propagandablad voor Geheel-Onthouding" verscheen op 22 juli 1898 het eerste nummer. Zoals de naam al aangeeft, was het blad vooral bedoeld om propaganda te maken. De inhoud was dan ook allereerst gericht op buitenstaanders, en niet op de eigen leden.

Het ging erom de gedachte te verbreiden dat afschaffing van uitsluitend sterke drank, geen effectief middel was om de alcoholellende in de samenleving te verminderen. Dit in tegenstelling tot wat toen nog vaak gedacht werd. De alcohol in bier en wijn was immers net even gevaarlijk als die in jenever.

Daarnaast moest het blad de gedachte uitdragen dat onthouding van alle alcoholhoudende drank, geheel-onthouding dus, weliswaar de meest effectieve bestrijding vormde van de alcoholische drinkgewoonte en alle nadelige gevolgen daarvan, maar dat geheelonthouding nooit van bovenaf mocht worden opgelegd. Het motto van de ANGOB was immers "niet afdwingen maar overtuigen".

Sterke groei tot 1914

Het eerste jaar verscheen het "Propagandablad" onder redactie van P.M. Wink, het tweede jaar onder J.J. Hoff. In het derde jaar trad J. v.d. Berg aan als redacteur. Onder zijn leiding werd een aantal veranderingen doorgevoerd. De naam werd veranderd in "de Geheel-Onthouder". Op 3 augustus 1901 verscheen het eerste nummer onder deze naam. Onder het redacteurschap van J. v.d. Berg ging de oplage met sprongen omhoog, van 2705 in 1902 naar 7453 in 1906. In laatstgenoemd jaar trad J.C. Polak toe tot de redactie. Onder leiding van de nu tweehoofdige redactie, en met de onmisbare hulp van de werkers in het veld, werd de positie van het blad verder verstevigd.

100 jaar De Geheelonthouder
31ste jaargang - no 1 - Oplage 10100

In 1914 was de gemiddelde wekelijkse oplage gestegen tot 15.000. En dat terwijl het ledental van de ANGOB in dat jaar slechts ruim 3300 bedroeg. Een deel van de oplage ging in de losse verkoop, de colportage. Toen in augustus 1914 de eerste wereldoorlog uitbrak, en tal van colporteurs in militaire dienst moesten, daalde de oplage onmiddellijk met ruim anderhalf duizend.

Het stijgen van de prijzen tijdens de eerste wereldoorlog, noodzaakte in 1917 tot verdubbeling van de prijs van "de Geheel-Onthouder". Een verdere daling van de oplage was het gevolg. Het ledental van de ANGOB bleef wel op peil. In 1918 bedroeg het ledental nog ca. 3100, maar was de oplage van het blad gedaald tot ca. 10.800.

In 1914 was de redactie versterkt met mevrouw S. Rugaart-Holwerda. In 1918 trad J. v.d. Berg af en werd J.C. Polak hoofdredacteur. In 1920 trad ook hij af. De man van mevrouw Rugaart, de heer J.C. Rugaart werd hoofdredacteur. Terzijde gestaan door zijn vrouw, voerde hij de redactie tot 1958, achtendertig jaar lang !

In de twintiger jaren bleven ledental en oplage vrijwel constant. De economische crisis van de dertiger jaren, en het uit het straatbeeld verdwenen zijn van zichtbare alcoholellende, deden in verloop van de dertiger jaren ledental en oplage fors dalen. In 1937, bij het veertigjarig bestaan van de ANGOB, bedroeg het ledental ruim 2300 en de oplage ruim 8300.

De tweede wereldoorlog eiste ook van de ANGOB zijn tol. Na de oorlog lag de oplage van "de Geheel-Onthouder" krap boven de 7000. Het blad verscheen nu eenmaal in de veertien dagen.

Vernieuwing

In 1958 trad met Jan Redeker een nieuwe generatie aan voor de redactie. Het blad werd gemoderniseerd naar inhoud en opmaak. In overeenstemming met de nieuwe spelling verdween het streepje tussen "geheel" en "onthouder" uit de naam. In 1962 nam Frits Weverling de redactie op zich.

Tien jaar later, in 1972, was weer een volgende generatie aan de beurt, en werd Dingeman Korf eindredacteur. Onder zijn leiding evolueerde "de Geheelonthouder" van een veertiendaagse krant, via een maandblad naar het huidige tweemaandelijkse, meer tijdschriftachtige blad. Inhoudelijk kreeg met name het populariseren van de uitkomsten van wetenschappelijk onderzoek meer aandacht. Gebleven zijn het voorlichtend karakter, en het motto "niet afdwingen maar overtuigen".