Stichting ANGOB

 

KLEINZERIGE MENSEN EERDER DRONKEN

Een onderzoeksteam van de Amerikaanse Stanford University School of Medicine heeft ontdekt dat wie een afwijking heeft aan het enzym in ons lichaam dat alcohol afbreekt, ook een lagere pijngrens heeft.

Ons lichaam zet alcohol in eerste instantie met behulp van het enzym alcoholdehydrogenase om in aceet-aldehyde. Omdat aceetaldehyde nog giftiger is dan alcohol, moet die stof zo snel mogelijk worden afgebroken. Daarvoor is het enzym aldehyde-dehydrogenase-2, kortweg ALDH2 nodig. Daarbij ontstaat uiteindelijk azijnzuur.

Een afwijking in laatstgenoemd enzym veroorzaakt een tragere afbraak van het aceetaldehyde. Mensen met die afwijking krijgen na alcoholgebruik last van beginnende vergiftiging door aceetaldehyde, en blijven langer dronken. Bij een toename van de hoeveelheid aceetaldehyde gaat het lichaam uit zelfverdediging namelijk de omzetting van alcohol in aceetaldehyde afremmen.
Ongeveer 8 procent van de wereldbevolking heeft zo'n gemuteerd enzym. Dat komt vooral voor onder Oost-Aziaten. In sommige landen in die regio heeft wel 30 procent van de bevolking zo'n gemuteerd enzym.

Uit andere onderzoeken was bekend dat Oost-Aziaten vaak een lage pijngrens hebben (lees : gevoeliger zijn voor bepaalde prikkels). Dat zette de Amerikaanse onderzoekster A.Zambelli aan tot een onderzoek naar een eventuele samenhang tussen die twee feiten.

Niet alleen alcohol, maar ook een ontsteking zorgt ervoor dat er giftige aldehyden worden gevormd. Omdat ALDH2 aldehyden kan afbreken rees de vraag wat de rol van dat enzym is bij de perceptie van pijn. Eenvoudiger gezegd, kan ALDH2 mensen met een gemuteerd enzym van pijn afhelpen ?

Zambelli en haar team deden een vergelijkend onderzoek met twee groepen van muizen, de ene met het normale ALDH2-enzym en de andere met het gemuteerde enzym. Zij injecteerden de muizen met aldehyden en vergeleken de reacties op pijnprikkels van beide groepen. De muizen met het afwijkende enzym bleken duidelijk gevoeliger voor pijnprikkels.

Vervolgens gaven zij de muizen de stof Alda-1. Een stof die als een soort "geneesmiddel" werkt bij bepaalde vergiftigingen. Alda-1 zorgt ervoor dat aldehyden sneller worden afgebroken. En inderdaad, na de toediening van Alda-1 bleken de muizen met het gemuteerde enzym minder gevoelig voor pijnprikkels dan ervoor.

Op grond van de gebleken feiten, speculeert men nu over het ontwikkelen van een geheel nieuw soort pijnstillers. Het meest voor de hand ligt een middel dat een kater verzacht. Maar ook de pijn van kneuzingen en sportblessures lijkt een geschikt doelwit. Voorlopig moet er nog heel veel aanvullend onderzoek worden gedaan.

Dingeman Korf