Stichting ANGOB

 

Voor benzine meer lonend dan voor drank
KOPEN AAN DE ANDERE KANT VAN DE GRENS

Nederlanders die dicht bij een landsgrens wonen, willen nog wel eens aan de andere kant van de grens inkopen doen. Door de accijnsverhoging van januari jl. is hun aantal toegenomen. Aldus blijkt uit een peiling van I&O Research.

Met ingang van 1 januari jl. zijn de accijnzen op alcohol en op motorbrandstoffen verhoogd. Die verhoging heeft veel discussie uitgelokt. Vooral discussie tussen de leveranciers van die producten en de overheid. De gemiddelde consument liet het tamelijk koud dat een blikje bier of een glaasje wijn 1 of 2 eurocent duurder werd. Maar de verkopers uit de grensstreek vreesden leegloop van hun bedrijven.

De discussie was vooral een herhaling van zetten. Per 1 januari 2013 waren de accijnzen ook al verhoogd, en ook toen hadden de verkopers hevig geprotesteerd. Om duidelijkheid te scheppen kwam het Ministerie van Financiën september 2013 met het rapport "Grenseffectenrapportage". Daaruit bleek dat de accijnsverhoging in de eerste 7 maanden van 2013 een behoorlijke meeropbrengst voor de schatkist had opgeleverd.

Inkopen in het buitenland levert alleen financieel voordeel op voor mensen die niet al te ver van de landsgrens wonen. Alleen zij kunnen hun autokosten terugverdienen door de bereikte besparingen. Daarom heeft I&O Research onderzoek gedaan onder consumenten die minder dan 30 kilometer van de landsgrens wonen.

Het bleek dat met toenemende afstand tot de grens, de animo om over de grens inkopen te doen snel afnam. Van de mensen die minder dan 10 km van de grens wonen, tankt 70 procent regelmatig over de grens. En de helft van hen zegt het nu vaker te doen dan vóór de accijnsverhoging. Van de consumenten die tussen de 20 en 30 km van de grens wonen, tankt 33 procent regelmatig in het buitenland.

De besparing op een volle tank is groter dan bijv. de besparing op een kistje met 6 flessen wijn. Tegenover de 70 procent die in het buitenland tankt, staat 33 procent die in het buitenland drank koopt (van degenen die maximaal 10 km van de grens wonen). En slechts 15 procent van degenen die op 20 tot 30 km van de grens wonen, gaat voor drank de grens over, tegenover 33 procent die het doet om te tanken.

Het prijsverschil is het grootst bij sterke drank, en loopt van ca. 10 procent op tot bijna 20 procent. Vooral de Duitse producten zijn in Duitsland goedkoper. Bij bier is het prijsverschil geringer. En champagne (Moët et Chandon) is in Nederland goedkoper dan in Duitsland.

De invloed van de accijnsverhoging is bij drank dan ook minder groot dan bij tanken. Het gaat om iets meer dan één cent verhoging per consumptie. Slechts een kwart van degenen die alcohol uit het buitenland halen, doet dit nu vaker. Opvallend is het feit dat éénvijfde van de respondenten aangeeft ook de gewone boodschappen in het buitenland te kopen als zij er al zijn om te tanken.

Al met al heeft de alcoholsector niet zo heel veel te klagen over de accijnsverhoging. Alleen de slijters binnen 20 km van de grens hebben problemen. De overgrote meerderheid van de consumenten woont te ver van de grens, en ligt ook niet wakker van 1,4 cent meer voor een blikje bier. Stoppen met drinken levert trouwens nog veel meer besparing!

Dingeman Korf